De term ‘zombillion’ is de laatste tijd steeds vaker in het financiële nieuws te horen, en verwijst naar een steeds groter wordende hoeveelheid bedrijven die, ondanks zwakke financiële prestaties, kunstmatig in leven worden gehouden. Dit gebeurt vaak door goedkope leningen en liquiditeitsinjecties, waardoor ze eigenlijk ‘ondoden’ worden in de economie. Deze situatie roept vragen op over de stabiliteit van de financiële markten en de potentiële risico's voor investeerders en de economie als geheel. Het is een fenomeen dat deels voortkomt uit ultralage rentetarieven en een overvloed aan kapitaal.
De vraag is niet zozeer of deze ‘zombiebedrijven’ in staat zullen zijn om te herstellen en te groeien, maar hoeveel van deze bedrijven daadwerkelijk in leven gehouden kunnen worden zonder de bredere economie te schaden. Het probleem strekt zich uit over verschillende sectoren en landen, waardoor het een complex en uitdagend probleem is voor beleidsmakers en financiële instellingen. De impact van een potentieel domino-effect is aanzienlijk, en een nauwlettende monitoring is van groot belang.
Het concept van ‘zombiebedrijven’ is niet nieuw, maar de omvang ervan is de laatste jaren aanzienlijk toegenomen. De term werd populair gemaakt door onderzoek van de Bank for International Settlements (BIS), die constateerde dat een groeiend aantal bedrijven niet in staat is om de rente op hun schulden te betalen uit hun operationele winst. Deze bedrijven overleven dankzij goedkope leningen en herfinanciering, waardoor ze een kunstmatig bestaan voortzetten. De kern van het probleem ligt in de lage rentevoeten, die het voor deze bedrijven aantrekkelijk maken om te blijven lenen in plaats van te herstructureren of failliet te gaan.
Verschillende factoren spelen een rol bij het ontstaan en de groei van deze ‘zombiebedrijven’. Naast de lage rentetarieven zijn ook overheidssteunprogramma’s, een gebrek aan strengere insolventiewetten en een algemene terughoudendheid van banken om slechte leningen af te schrijven belangrijke oorzaken. Banken zijn vaak bang voor het erkennen van verliezen, waardoor ze bedrijven met twijfelachtige levensvatbaarheid in leven houden in de hoop op een toekomstig herstel. Dit kan leiden tot een allocatie van kapitaal naar inefficiënte bedrijven, ten koste van meer productieve investeringen. Dit belemmert innovatie en economische groei.
| Jaar | Percentage Zombiebedrijven (geschat) |
|---|---|
| 2007 | 5% |
| 2013 | 10% |
| 2019 | 15% |
| 2023 | 20% |
De bovenstaande tabel illustreert de stijgende trend van zombiebedrijven in de afgelopen jaren. Het is essentieel op te merken dat deze percentages schattingen zijn en sterk kunnen variëren afhankelijk van de gehanteerde definities en methodologieën. Desondanks geeft het een duidelijk beeld van de aanzienlijke toename van het probleem.
De aanwezigheid van een groot aantal ‘zombiebedrijven’ heeft aanzienlijke gevolgen voor de financiële markten. Ten eerste kan het de productiviteit en innovatie remmen, omdat kapitaal wordt vastgehouden in bedrijven die niet in staat zijn om effectief te concurreren. Ten tweede kan het de kredietverlening bemoeilijken, omdat banken terughoudender worden om te lenen aan risicovollere bedrijven. Ten derde kan het de aandelenmarkten verstoren, omdat de waarde van ‘zombiebedrijven’ kunstmatig hoog kan worden gehouden, wat kan leiden tot een bubbel. Het is belangrijk te beseffen dat een correctie van deze situatie potentieel pijnlijke gevolgen kan hebben voor de financiële markten en de economie.
Investeerders lopen aanzienlijke risico's door te investeren in ‘zombiebedrijven’. Deze bedrijven hebben vaak een zwakke financiële positie en zijn kwetsbaar voor economische schokken. De kans op een faillissement of een grote waardedaling van de aandelen is aanzienlijk. Het is daarom cruciaal voor investeerders om zorgvuldig onderzoek te doen voordat ze in een bedrijf investeren en om de financiële gezondheid van het bedrijf grondig te analyseren. Diversificatie van de portefeuille kan ook helpen om het risico te spreiden.
Deze punten illustreren de diverse en lang reikende effecten van het ‘zombillion’ fenomeen op de financiële markten. Het is een probleem dat niet genegeerd kan worden en dat vraagt om een proactieve aanpak.
Overheden en centrale banken spelen een cruciale rol bij het aanpakken van het ‘zombillion’ probleem. Het is belangrijk dat zij beleid voeren dat de allocatie van kapitaal naar productieve bedrijven stimuleert en dat het voor ‘zombiebedrijven’ moeilijker wordt om kunstmatig in leven te blijven. Dit kan onder meer door het verstrekken van gerichte steun aan gezonde bedrijven, het verscherpen van de regelgeving voor banken en het bevorderen van een efficiëntere insolventieprocedure. Het is echter een delicate evenwichtsoefening, omdat het te snel afbouwen van de steun aan ‘zombiebedrijven’ ook negatieve gevolgen kan hebben voor de economie.
Er zijn verschillende beleidsmaatregelen die overheden en centrale banken kunnen nemen om het ‘zombillion’ probleem aan te pakken. Een mogelijke maatregel is het invoeren van strengere regels voor het afschrijven van slechte leningen door banken. Dit zou banken dwingen om de werkelijke waarde van hun activa te erkennen en zou hen aanmoedigen om minder te lenen aan ‘zombiebedrijven’. Een andere mogelijke maatregel is het verstrekken van gerichte steun aan bedrijven die innovatief zijn en een hoog groeipotentieel hebben. Dit zou helpen om kapitaal te heralloceren naar meer productieve bedrijven.
Deze stappen, indien samen geïmplementeerd, kunnen helpen om de negatieve effecten van het ‘zombillion’ fenomeen te verminderen en de economie veerkrachtiger te maken.
Het ‘zombillion’ probleem is niet beperkt tot één land of regio. Het is een wereldwijd fenomeen dat de financiële stabiliteit van de gehele wereld kan bedreigen. Dit komt doordat de financiële markten steeds meer geïntegreerd zijn en doordat een crisis in één land zich snel kan verspreiden naar andere landen. Internationale samenwerking is daarom essentieel om het probleem effectief aan te pakken. Dit omvat het uitwisselen van informatie over ‘zombiebedrijven’, het coördineren van beleidsmaatregelen en het bevorderen van een gezonde en stabiele financiële omgeving.
De toekomstperspectieven voor het ‘zombillion’ fenomeen zijn onzeker. Het hangt af van verschillende factoren, zoals de ontwikkeling van de economie, het beleid van overheden en centrale banken en de innovatiekracht van bedrijven. Een mogelijk scenario is dat de lage rentevoeten aanhouden, waardoor ‘zombiebedrijven’ in leven blijven. Dit zou leiden tot een verdere verslechtering van de productiviteit en innovatie en tot een verhoogd risico op een financiële crisis. Een ander mogelijk scenario is dat de rentevoeten stijgen en dat ‘zombiebedrijven’ gedwongen worden om te herstructureren of failliet te gaan. Dit zou leiden tot een korte termijn pijn, maar op lange termijn zou het de economie ten goede komen door kapitaal vrij te maken voor productieve investeringen. De term ‘zombillion’ blijft relevant zolang deze structurele problemen bestaan.
Het is cruciaal dat beleidsmakers en financiële instellingen waakzaam blijven en tijdig ingrijpen om de risico's van het ‘zombillion’ fenomeen te beheersen. De uitdaging ligt in het vinden van de juiste balans tussen het ondersteunen van de economie en het bevorderen van een gezonde en duurzame groei. Dit vereist een doordachte analyse, een proactieve aanpak en een internationale samenwerking.